Velddriel, Dorp met een eigen karakter

Hoewel we de plaatsnaam Velddriel pas voor het eerst in de geschreven bronnen vermeld vinden in 1317, als “ Veldriele” is dit dorp beslist enige eeuwen ouder.

Oorspronkelijk vormde Velddriel het oorspronkelijke centrum van Driel. In 1265 bevond zich hier het Hof van de Utrechtse Paulusabdij. Gelegen ten westen van (Kerk) Driel is dit langgestrekte dorp ontstaan op een vroegere stroomrug van de Maas. De eerste bewoning is waarschijnlijk ontstaan in de omgeving van de huidige "Hamstraat" en het "Groenestraatje" en breidde zich geleidelijk uit in de richting van waar nu Velddriel ligt. Omdat het toen een open veld was, was de naamgeving ook niet moeilijk: “Driel” in het “Veld”. De woonstrook doorkliefde in feite het open veld, waarbinnen behalve in de droge zomers, “ Het Drielse Broek” en “De Vliert” moerasachtige gebieden waren. Belangrijk voor een goede ontwatering is nog steeds de oude “Drielse Wetering” en ingrijpende ruilverkaveling van 1957. Een groot deel van de vroegere bebouwing is rond 1880 door brand verwoest. Veel oude karakteristieke panden gaan dan ook terug naar die tijd, slechts een enkel pand is ouder, zoals bijvoorbeeld de monumentale boerderij “ De Hoge Kamer”, de oude R.K. jongensschool, waarin nu fitnesscenter Action gevestigd is, en het monumentale klooster van "de Zusters van Liefde".

Velddriel was vroeger geen welvarend dorp. Veel mensen trokken naar Duitsland om in de kolenmijnen te werken. De meeste achterblijvers leefden rond 1880 van eenvoudige landbouwactiviteiten. In de zomer zag men in de polder altijd mensen die vanuit het dorp daar gingen werken. Bijna iedereen had een klein gemengd bedrijf. De natuur speelden de mensen toen grote parten. In een droge zomer groeide er bijna niets en in een natte zomer ging er weer veel verloren. Een goede waterafvoer was er niet, om over waterinlaat nog maar te zwijgen. De wegen waren veelal niet toereikend, waardoor het gebied lange tijd erg ontoegankelijk bleef. In de tweede helft van de negentiende eeuw ging men geleidelijk sloten graven om het water beter te kunnen afvoeren. Dat graven gebeurde met spa en schop. De grond werd afgevoerd met kruiwagens en door paarden getrokken stortkarren.

Een echte opleving in Velddriel kwam op gang begin 1900, toen de “Dochters van Liefde van Vincentius à Paulo” zich in het nonnenklooster vestigden. Zij werkten in het onderwijs en de gezondheidszorg en waren een grote steun voor de arme bevolking. Ook erg belangrijk was, dat de Velddrielse boeren zich rond 1910 meer gingen organiseren en zich aansloten bij de NCB, de Noord-Brabantse Christelijke Boerenbond. Dat leidde vervolgens tot vele initiatieven in coöperatieverband: graanmaalderij, boter- en melkfabriekje en de boeren-leenbank. Ook voor de vele Velddrielenaren, die buiten de landbouw werkten, ontstonden omstreeks die tijd steeds meer sociale voorzieningen. Vaak was dat werk in de buurt, zoals op de steenfabrieken of in de mandenmakerijen. Daarna is na de Tweede Wereldoorlog de welvaart steeds meer toegenomen en werd Velddriel ook steeds minder agrarisch en meer en meer de moderne plattelandsgemeente van nu met activiteiten op allerlei gebied: fruit, champignons, industrie enzovoort, met ook steeds meer inwoners van buitenaf (inmiddels 1600 inwoners) en een bloeiend verenigingsleven.

Parochiekerk
Ongeveer waar thans de parochiekerk van Velddriel staat, stond voor 1856 een kapel, welke was toegewijd aan de H. Antonius abt. De kapel en de kapelgoederen waren toentertijd eigendom van de Velddrielse gemeenschap, waarover de pastoor van Driel geen zeggenschap had. Waarschijnlijk is deze kapel rond 1350 gesticht met verder een bewogen geschiedenis:
1580 kapel onttrokken aan de eredienst als gevolg van de Reformatie;
1580-1807 kapel wordt gebruikt als schoolgebouw en woning voor de schoolmeester;
1807 kapel wordt weer in gebruik genomen als bedehuis als gevolg Franse revolutie;
1800-1850 strijd van Velddrielse gemeenschap voor een eigen parochie;
1851 verheffing van het dorp Velddriel tot een zelfstandige parochie met zeggenschap over de goederen bij de parochie;
1857 “oude” parochiekerk (2 maart 1857 eerste steen gelegd door Mgr. Zwijssen)
1858 inzegening van de kerk gewijd aan de heilige Martinus
1945 kerk opgeblazen door de Duitsers, zwaar beschadigd en na de oorlog gesloopt
1945-1946 noodkerk eerst bij de familie Van Eeuwijk, daarna smederij Suikers
1947 noodkerk (thans dorpshuis De Boxhof)
1952 start bouw huidige parochiekerk
1953 RK Sint Martinuskerk officieel in gebruik genomen op 27 april
2013 RK Sint Martinuskerk is een beschermd monument geworden
De ontsluiting van de poldergebieden is aan Velddriel in de loop van jaren ook niet voorbij gegaan. De drukke spoorlijn Den Bosch/Utrecht loopt gedeeltelijk over Velddriels grondgebied, alsmede de grote verkeersader voor het wegvervoer: de A2 met belangrijke ontsluitingsbruggen bij Empel en Zaltbommel v.w.b. Maas en Waal.

Binnen de polder heeft de N831 Provincialeweg een belangrijk ontsluitingskarakter binnen de Bommelerwaard. In de polder zelf is de ontsluiting bewerkstelligd door de diverse polderwegen vanuit de ruilverkaveling uit 1957.